6 jaar

Zo cliché hij ook maar kon zijn, zo gemeend was de “Oewist?”, voorafgegaan door een warme, wat lacherige “Goeiemorregeuh!” zoals enkel volleerd radiopresentatoren hem kunnen plaatsen. Mocht het een bal zijn, dan schilderde hij elke “Goeiemorregeuh!” langs het muurtje, los in de kruising. Je werd er spontaan vrolijk van. Ook al was je pas wakker. Ook al had je net een potje liggen janken of was je druk bezig met iets anders.

Het kon ook later op de dag zijn. Of ’s avonds. Maar de “Goeiemorregeuh!” was er bijna altijd bij. Mocht het mobieltje reeds in de 19de eeuw furore hebben gemaakt, had zelfs Ivan Pavlov zijn geconditioneerde glimlach niet kunnen onderdukken wanneer hij die ene naam zag flikkeren op het schermpje.

De gulle, Bourgondische, half-opborrelende bulderlach, die was er ook bij. Met schokkende intervallen en al. Met een soort van oprechte diepte en jongensachtige deugenieterij, die de warmte van alle gefilterde foto’s en filmpjes op sociale media instant laat verbleken. Ik kan hem niet anders omschrijven. Voor wie hem kent; een beetje vergelijkbaar met de oprechte schokgolflachen van Steve Willaert, nog zo’n kanjer die ik graag zie.

En dan meteen to the point, op de man af, zoals in alles wat hij deed. Recht door zee en goedgeluimd. Intelligent en empathisch. Georganiseerd en gefocust. Een manager uit de duizend.

Hij kende me goed. Bijna elk telefoongesprek was doorspekt met lange, ontembare lachbuien, wanneer zijn enthousiaste één-op-één vragen voor de zoveelste keer gecounterd werden door de droogte van mijn humor. Ik deed er expres nog een schepje bovenop, want ik wist dat hij daarvan hield. En ik hoorde hem zo graag lachen. Als een Philippe Geubels avant la lettre -maar dan knapper uiteraard- ontlokte ik maar al te graag de vonken die iedere mens een goed gevoel kunnen geven. Iemand doen lachen is een van de fijnste levensdingen.

“Het is spijtig dat mensen niet weten hoe grappig jij bent,” zo sloot hij dikwijls af. ‘Spijtig’, en bij uitbreiding alle synoniemen ervan, zijn woorden die, zelfs gebundeld, verre van sterk genoeg zijn om uit te drukken hoe erg ik het vind. Erg, dat de vele flarden van onze gesprekken enkel nog in mijn hoofd zitten. Wat zeg ik; ze zitten in mijn hart.

6 jaar.

Ik denk aan jou Ronny. En aan je gezin, je mama, je papa, je broers en familie.
Ik denk aan jou. Met een glimlach doorheen de vele tranen.

Goeiemorregeuh! Ook al komt hij allesbehalve in de buurt van de kruising.

X

Met excuses voor -en vele groeten aan- de koperen kerel op deze foto, genomen in de backstage van Vorst Nationaal, waar Born en ik te gast waren bij Will Tura en zijn magistrale orkest. Good times.

Advertenties

Spring! Rij! Vlieg! Spoor! Zweef!

De juffrouw van Le Pain Quotidien in Los Angeles heeft een mooie brede glimlach. Telkens ze m’n tafelblad verrijkt met een gerecht of een drankje, fonkelen haar oogjes net iets feller. Maria heet ze. Ze vertelt me dat alle personeelsleden van Le Pain Quotidien de kans krijgen om te gaan werken in buitenlandse vestigingen. Omdat ik net twee fantastische reizen achter de rug heb raakt dit mij. Wat een gave move is dat van het management? Topbedrijf! Eenvoudig maar geniaal! Jonge mensen horen te reizen vind ik.

De wereld zien. Ik wens het iedereen toe. Ik besef heel goed dat niet iedereen het even breed heeft en al zeker niet op jonge leeftijd. Of dat je de reismicrobe van thuis uit niet meekreeg. Maar wacht niet tot je 40ste om naar Amerika te vliegen. Begin nu al te plannen. Spreek vandaag nog af met je beste vriend of vriendin om deze week een ontbijtje te steken in Le Pain Quotidien. Brainstormen gaat zoveel beter bij een glaasje vers fruitsap en een gezonde boterham. Weet je nog? Dat land dat je altijd al wou bezoeken? Dat strand dat je altijd al wou zien?

Kansen liggen in het leven niet altijd en overal zomaar voor het grijpen. Soms moet je ze ook zelf creëren. Maar als je je vleugels kan uitslaan, als je het nest kan uitvliegen… ga! Spring! Rij! Vlieg! Spoor! Zweef! Ik wens het werkelijk iedereen toe!

Liefs,

Album ook fysiek te koop! Release op 27 januari.

Vrienden en vriendinnen,

Dankuwel voor de vele mooie reacties op het nieuwe album dat voor de spreekwoordelijke deur staat! Het doet goed te weten dat er zoveel mensen uitkijken naar Over Prinsen, Over Draken.

Even snel een berichtje met het goede nieuws dat het album ook fysiek te koop zal zijn en dat ik graag tijd uittrek om het de eerstvolgende weken na de release ook te handtekenen in diverse muziekwinkels. Meer nieuws daarover volgt later via Universal.

De platenfirma liet ook weten dat er over-prinsen-over-draken-udo-hoestwee weekjes geschoven dient te worden met de release, kwestie van alle promo-acties mooi op elkaar af te stemmen. Aan iTunes werd gevraagd om in ruil voor jullie extra geduld nog een extra lied beschikbaar te stellen voor iedereen die vooruitbesteld heeft, maar dat blijkt technisch niet mogelijk. Pindakaas!

Definitieve release datum is nu dus 27 januari 2017. In het zog van de release volgen er nog toffe dingen en acties, maar dat is voor later.
Spannend allemaal… 🙂

Tot snel!

digitale handtekening UDO

Onverwachte schoonheid…

Dankuwel voor zoveel schoonheid...Vorige vrijdag werd ik op weg naar huis geheel onverwacht getrakteerd op een emotionele ontmoeting. Ergens tussen Brussel-Zuid en Vilvoorde werd ik aangesproken door een treinconducteur. Sinds ik met mijn kop op televisie kom ben ik het al gewoon dat ik door wildvreemden word aangesproken, maar deze keer luidde de openingszin: “Ik prijs mij gelukkig dat ik uw moeder goed heb gekend”.

Ik kan u verzekeren dat dat thema bij mij erg gevoelig ligt en mijn hele gestel bij het minste woord in die richting, automatisch naar een soort van verdedigingspositie overschakelt. Niet weinig heb ik beginnende gesprekken met mensen die ik niet ken meteen in de kiem gesmoord wanneer ze over mijn moeder dreigden te gaan. Vooral als er bovenmenselijke krachten aan te pas kwamen -ja, dat is me al bijzonder vaak overkomen- dan baken ik mijn grenzen meteen duidelijk af. Ik geloof in wetenschap, punt.

Geregeld zijn er mensen die me na al die jaren nog iets vertellen over mijn moeder. Ik beschouw elke anekdote of mening als een waardevol iets, dat ik bijhoud in de herinneringendoosjes in m’n hart en m’n hoofd. Over de doden niets dan goeds hoor ik u zeggen. Zeer juist. Maar toch was er iets dat mijn moeder speciaal maakte. Gek genoeg zie en voel ik dat ook aan de mensen die me te pas en te onpas een spreekwoordelijke levenspost-it cadeau doen. Mijn moeder had ontegensprekelijk een gave om met iedereen te kunnen opschieten. Ze was joviaal, sociaal en in al haar intelligentie blonk ze vooral uit door haar empathisch vermogen. Ze was ook veel te braaf en te goed voor deze wereld; eigenschappen die -en dat weet ik helaas maar al te goed- meer in je nadeel dan in je voordeel kunnen werken.

“Ik heb heel mooie momenten meegemaakt met je mama; ze was een fantastische vrouw”. De emotie in de stem en de tranerige blik van de conducteur gingen dwars door m’n verdedigingsmuur. Net niet sprakeloos vernam ik dat de vriendelijke man misschien wel de laatste foto nam waarop ik met mijn mama pronk. Tijdens een paëlla avond van het jeugdhuis waar ik een deel van m’n jeugd doorbracht. Ik, met een oerlelijke donkergroene T-shirt (die elke medewerker toen droeg, en het ergste is dat ik me meen te herinneren dat ik die kleur nog zelf gekozen had) en mijn moeder, met haar gekende glimlach en fonkelende ogen, waaruit een cocktail van geluk en fierheid kon worden opgemaakt.

Compleet verbouwereerd was ik. Gepakt en gezakt, mijn ticket Londen-Brussel in de hand. Op het perron van Vilvoorde raapte ik mijn moed bij elkaar en vroeg ik de conducteur om een selfie. Normaal gezien stappen mensen op mij af voor een selfie, maar deze keer voelde ik zelf de drang om mijn korte en intense ontmoeting digitaal vast te leggen. Ik deel graag de foto van deze lieve mens, van wie ik niet eens de naam ken.

Dankuwel voor zoveel schoonheid…

Ontroerde groet,

digitale handtekening UDO

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Taxi Rudi (Vranckx)

taxilogo

*Meeuw* -ik bedoel- *geeuw*,

Half zeven. Zowat anderhalf uur geleden wakker gezoemd door een mug en ondertussen al een poos genietend -nu ja- van de tierende zeemeeuwen aan de Oostendse kustlijn. De lelijke vogels rijgen de hoogste en schelste noten aan elkaar in een kwelerige jazz die m’n opzettende koppijn bevordert, het zachte geluid van de golven en m’n slapend lief ten spijt. Bij wijze van afleiding en ontspanning misschien toch maar een blogje schrijven denk ik, terwijl ik me afvraag hoe en waar de gemiddelde zeemeeuw eigenlijk aan haar einde komt. Als vismaaltijd, met gespreide vleugels en kop in het water? Soit.

Gisteren werd op de 10de editie van het Filmfestival van Oostende de nieuwe prent van Nic Balthazar voorgesteld; een knappe film waarvan ik onder de indruk was. Een aanrader. Niet omdat mijn lief er een rolletje in speelt of omdat stand-upper Jeroen Leenders een opmerkelijke acteerprestatie neerzet, maar gewoon omdat de film echt wel binnenkomt in de bovenkamer en een thema aansnijdt dat bij velen een belletje zal doen rinkelen. Want zijn we niet allemaal een beetje overwerkt? Lopen we onszelf al niet eens een keer of zesentwintigduizend vierentwintig miljoen keer voorbij?

Op de rode loper vertelde ik cast member en officieuze vermageringskampioen Kamal Kharmach over mijn meest memorabele ontmoeting in Berlijn. Twee daagjes was ik er. Net genoeg tijd om een aantal interessante mensen te ontmoeten en een geweldige song te schrijven. De M45 die ik aan de Akademie Deutsche POP nam, zette me tijdig af aan het station Berlin Zoologischer Garten, waar ik in al mijn blondheid mijn trein liet voorbijrijden. Ik heb steeds mijn zakje ‘ja maar’-excuses bij de hand, maar je schiet er werkelijk geen meter mee op. Een taxi dan maar.

Zijn leeftijd schat ik rond de vijftig, zijn doorleefdheid en intelligentie een pak hoger op de desbetreffende schalen. De taxichauffeur leek stomverbaasd dat er in een klein land als België ghetto’s bestonden in steden als Brussel en Charleroi, waar terreurorganisaties makkelijk leden konden rekruteren. Ik kreeg gratis geschiedenislessen over hoe de drie luchthavens in Berlijn onlosmakelijk verbonden zijn met Oost en West, met Hitler en/of met de Koude Oorlog. En hoe het ‘nieuwe Duitsland’ graag van alle (gewetens)belastende ballast af wil, hoe het merendeel van de Duitsers liever wil vergeten en geneigd is om alsmaar te vernieuwen: luchthaventje sluiten en een nieuwe bouwen. Alsmaar beter, alsmaar groter.

Voor ik er erg in had was ik terechtgekomen bij een potentiële gesprekspartner van Rudi Vranckx. En dat allemaal in het Duits. Het is van m’n tijd op Erasmus geleden dat ik nog zo’n lang gesprek in het Duits voerde. De chauffeur vroeg me of ik moslim was en vervolgde zijn verhaal. Als 16-jarige broeder maakte hij naar eigen zeggen deel uit van de Hezbollah en vocht hij aan de grens tussen Iran en Irak. Net als zijn strijdmakkers kreeg hij een ketting rond de nek, met daaraan een sleutel waarmee hij de deur van het paradijs, vol met wachtende vrouwen, zomaar kon openen. Hij droeg het onthoofde lichaam van zijn beste vriend de grens over, terug naar Iran. Een uur lang. Gedesillusioneerd. Het was z’n vader die hem verloste van de nachtmerrie en met het gezin naar Duitsland verhuisde. Ze begonnen er een nieuw leven.

Ik kreeg zomaar les over godsdiensten en levensfilosofieën. Vooral over hoe ze worden afgebeeld: de katholieken, wat voorovergebogen met gekruiste armen; de boeddhisten, met gevouwen handen; de Joden, met open armen naast het lichaam én tenslotte Mohammed, met het zwaard in de aanslag. Door de jaren heen werden in de regio communisten en ander non-moslim gespuis in de pan gehakt. M’n chauffeur wond er geen doekjes om en verzekerde me dat de islam veruit de gevaarlijkste godsdienst is op deze aardkloot, en dat je als zestienjarige nog een kind en bovenal beïnvloedbaar was. “Geloofde je dan alles wat jou verteld werd?” vroeg ik. “Ja” zei hij, “mijn dochter is ondertussen zeventien, ze is nog een kind. Weet je, als ik dit vertel tegen een moslim dan doodt hij me. Geloof me, islam is zeer gevaarlijk.”

Als artiest en eenvoudige mens hou ik me zo ver mogelijk van thema’s als godsdienst of politiek. Ik heb uiteraard mijn mening, maar die stoot social media-gewijs altijd wel iemand tegen de borst. Vandaar dat ik me veelal laat leiden door ‘leven en laten leven’ en iedereen respecteer in zijn geloof of politieke voorkeur. De gesprekken tijdens de taxirit naar Berlin Schönefeld zal ik echter niet snel vergeten. Ze staan in schril contrast met de voorzichtigheid die wij aan de dag leggen wanneer we het hebben over ‘moslimterreur’, wanneer we dingen benoemen en daarbij vooral niet iedereen over dezelfde kam willen scheren.

“Volgende keer dat je in Berlijn bent kan je best overal een taxi nemen, da’s veel beter voor je portemonnee,” krijg ik nog mee. Of hoe een leerrijk gesprek wordt afgesloten met de reinste onzin. Och ja, taximannen… Als er één iets is waar ik heilig in geloof, dan is het in het openbaar vervoer in Berlijn. Er gaat namelijk niets boven de verbindingen met bus, tram, metro en S-Bahn, die er naadloos op elkaar aansluiten. Makkelijk en goedkoop. Tenzij je je trein mist natuurlijk.

Blonde groeten uit de Koningin der badsteden,

digitale handtekening UDO

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

#Muziektip: Quincy Jones Prom (BBC)

Beetje down? Energie nodig? Welnu…

Zet je radio en tv uit, schuif de wereldproblemen aan de kant en vergeet de hedendaagse rommel & de oldies die maar al te vaak je gehoorgang passeren. Wat je zometeen gaat horen tovert zonder twijfel een glimlach op je gezicht.

Goeie muziek van legende Quincy Jones, gespeeld door het Metropole Orkest, bevolkt door muzikanten die niet alleen fucking straf zijn en strak spelen, maar dat ook nog eens  doen met timing en gevoel. Live @ the Royal Albert Hall, al lijkt het wel een plaat; sterk!

Neem daarbij nog enkele gastmuzikanten die door Quincy al jaren worden gesteund en je krijgt dit. Allez, Cory Henry op hammond, om er toch maar één te noemen. En nu we bezig zijn: een speciale vermelding voor de waanzinnig getalenteerde Jacob Collier.

Fuck, wat is die kerel misselijkmakend goed. OK, een muzieknerd, maar ik denk dat ik eens een concert ga meepikken.

Enjoy good music folks!

digitale handtekening UDO

 

 

 

 

-> Live at the BBC Proms: Quincy Jones with the Metropole Orkest. <-

(de opname kan je nog een twintigtal dagen beluisteren, daarna haalt BBC ze van het Internet)

Save

Save

Save

Save

Save

Belletje trek…

Vrienden der muziek,

Daar waar ik de voorbije 10 jaren af en toe eens aanbelde bij een bevriend muzikant (soms bezondigde ik me ook aan belletje trek bij diens buren, waarvoor mijn oprechte excuses), trek (let op de woordspeling) ik vanaf deze zomer veel tijd uit voor de mooiste ambacht die er bestaat: het liedjes schrijven.

Net als in de voorbije maanden zal ik ook in september en oktober geregeld als zanger een podium beklimmen, maar de lokroep van de studio’s in binnen- en buitenland blijft groot. Nog even blijven gaan en zoveel mogelijk schrijven is de boodschap, want november, december en januari worden helemaal ingepalmd door de gloednieuwe Winterrevue van Stany Crets.

Welja... af en toe kom ik nog eens buiten om een babbeltje te slaan met de Dana Winners en Milows van deze fijne muziekwereld ;-)

Welja… af en toe kom ik nog eens buiten om een babbeltje te slaan met de Dana Winners en Milows van deze wereld 😉

Tickets voor de revue kan je trouwens bestellen op www.winterrevue.be. Het zal voorwaar de moeite zijn!

Heel graag tot snel ergens te lande en wie me echt echt écht mist, kan af en toe een foto van m’n avonturen meepikken op Instagram 😉

A bientôt chers amis,

digitale handtekening UDO

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Fanavond op latere datum

selinaBeste vrienden,

Zoals jullie weten ben ik niet de artiest die het ene commerciële fanevent na het andere in elkaar bokst. Less is more, of zoals onze noorderburen zouden zeggen: “doe maar gewoon”.

Ik wil al geruime tijd nog eens een gezellig samenzijn organiseren met de mensen die me al zo lang volgen en steunen. En 10 jaar carrière leent zich daar al eens toe, nietwaar? Liefst niets al te bombastisch, maar gewoon een intiem diner, gezellige babbels bij een goed glas, een uniek concert op een al even unieke locatie.

Bij dat laatste wringt echter het schoentje… De plekken die ik voor ogen had blijken bijzonder duur te zijn. Gezien het bescheiden karakter van het event zou dat de prijs voor ieder van jullie flink de hoogte injagen (echt héééél flink) en dat kan niet de bedoeling zijn.

Ik wil de toegankelijkheid niet in het gedrang brengen en ook mensen die het wat minder breed hebben de kans geven om erbij te kunnen zijn.

Ondertussen tikt de klok en komt de vooropgestelde datum vervaarlijk dicht bij, waardoor we het risico lopen dat velen onder jullie reeds iets in de agenda hebben staan. Daarom wil ik graag het event uitstellen naar begin volgend jaar. Oktober, november, december en de eerste helft van januari zitten qua planning reeds nokvol, dus dat is helaas geen optie. Het geeft m’n management meteen ook wat ruimte om iets moois en onvergetelijks te organiseren.

Laat het duidelijk zijn: uitstel is geen afstel. Ik weet dat ik op jullie begrip kan rekenen en wil jullie graag vragen om me al-sje-blief (!) te overladen met goede ideeën en de betere tips voor originele locaties. Dat kan op het emailadres van Sandra Damoiseaux, die het event coördineert: sandra.damoiseaux@live-entertainment.be.

Gulle groet en geniet van deze prachtige zondag!
digitale handtekening UDO

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Was uw glazen!

Video

Le nouveau single est arrivé! Nu ja, bijna toch. Le nouveau single est presque arrivé! Zo’n zes maanden geleden gecomponeerd aan m’n babyvleugel en na een mooi rijpingsproces bijna klaar om gedegusteerd te worden. Koel geserveerd en warm aanbevolen. Comme un Beaujolais quoi…

Het lied dat oorspronkelijk startte als een ballade waarin heel wat weemoed zat, evenals het gemis van een overleden vader en een smachtende verzuchting naar vroegere tijden, is nu uitgegroeid tot een uptempo verhaal over een scharnierpunt in het leven van velen. Herkenbaar. Terugblikkend op wat was en vooruitkijkend naar het mysterie van het onbekende dat ons opwacht.

En vooraleer u me verwijt geen mensentaal te spreken: het komt erop neer dat mijn vadsig geestesrupsje zich ontpopte tot een flitsende Koninginnenpage, stevig fladderend in een orkestratie zoals ik er nog geen gehoord heb in de wereld van de popmuziek.

Waanzinnig straffe -en vooral juiste- muzikanten en bewerkers bij elkaar zoeken, dat was de missie van de producer. En hij is daar Summa Cum Laude in geslaagd. Meer info over wie aan deze productie heeft meegewerkt volgt weldra in een officieel persbericht. En ondanks het feit dat de definitieve versie nog niet klaar is vind ik mijn eerstvolgend muzikaal kind thuishoren op het schavot waar ook Voorbij staat te blinken.

Bloed, zweet en tranen en voldoende rijpingstijd; dat is het geheim achter deze goede song. Ik dank alvast mijn team, management en platenfirma voor het vertrouwen. Mijn twee maal twintig jaar jonge knokels jeuken al rond de steel van de hardhouten hamer, klaar om een scherpe beitel onder het deksel van deze verse wijnton te spiesen!

Was uw glazen, want ik kan niet wachten om ze vol te doen…

Santé!

digitale handtekening UDO

 

 

 

 

PS Voor de connaisseurs nogmaals Voorbij.

Save

Save

#MusicMonday #Throwback I Surrender (Monrose, 2011)

Gegroet music lovers!

Uit respect en uit bewondering voor hersenspinsels van andere schrijvers en uitvoerende artiesten heb ik zin om af en toe eens een lied onder de aandacht te brengen in een #MusicMonday en/of #Throwback blogbericht.

Omdat ik de voorbije weken nogal on a roll was wat het schrijven van nieuwe songs betreft (ik zit blijkbaar in een periode waarin ik bijzonder veel zin en inspiratie heb) kijk ik graag eens terug op dingen die ik in vorige inspiratievolle periodes schreef.

Zo was er vandaag dag op dag 5 jaar geleden het lied I Surrender, dat werd uitgebracht door de populaire Duitse meidengroep Monrose. De groep bestond uit drie knappe en toonvaste dames: Mandy, Senna en Bahar. Monrose werd gevormd naar aaneiding van de Duitse versie van Popstars, een televisie format dat ook in ons land de deur opende naar diverse talentenjachten zoals Idool, The X-Factor, The Voice en andere, minder bekende formats.

Monrose startte in 2006, tekende een contract bij het populaire label Starwatch en verkocht zomaar even 600.000 stuks van haar debuutalbum. Bijzonder veel, zelfs voor een grote markt als de Duitse, die door het illegaal downloaden al heel wat van z’n pluimen was kwijtgeraakt.

Samen met (ondertussen) goede vrienden Kit Hain en Yannic Fonderie schreef ik één van m’n betere schrijfsels uit die periode. I Surrender werd de B-kant van Like A Lady, de eerste single van het Monrose album Ladylike. De ballad was voor de grote en harde kern Monrose fans ook het verborgen verrassingsnummer op het album. Eerlijk gezegd -en dat is niet zo bescheiden, ik weet het- vond ik I Surrender het betere lied van het album.

De meidengroep heeft heel wat goud aan de studiomuren hangen maar de dames beslisten ondertussen wel om elk voor een solocarrière te gaan. Hun beste zet deden ze volgens mij in 2014, toen ze Walking Away, een featuring bij Craig David uitbrachten (al kwam het idee misschien wel van het marketing team rond Craig David, dat ook in andere landen zoals bijvoorbeeld Frankrijk featurings ‘verkocht’, naar verluidt een mooie bron van inkomsten voor internationale platenfirma’s en artiesten). Alleszins, de moeite waard om te beluisteren, net als de andere oorwurmen van Craig David trouwens.

Voor wie zijn of haar muziekkennis en -bibliotheek graag wat wil uitbreiden: I Surrender kan je nog steeds aankopen via iTunes (klik hier).